EVS: Processen, Koppelingen en Mensen

001_RBIAdam-image-ZVS9517I01Elektronisch Medicatie Voorschrijven, het klinkt zo simpel. En dat is het eigenlijk ook. Toch is het implementeren van een Elektronisch Voorschrijf Systeem (EVS) vaak makkelijker gezegd dan gedaan. Hoe komt dat? Ik zie drie belangrijke aandachtspunten: Processen, Koppelingen en Mensen.

Processen

“Hallo, met de helpdesk”.
“Nou, mevrouw Jansen staat hier voor de deur, maar ze zit nog niet in het ECD…”.
Herkenbaar? Vast wel.
Het komt namelijk  maar al te vaak voor dat ondersteunende diensten, in dit geval de cliënten administratie, nieuwe cliënten niet op tijd heeft ingevoerd in de administratieve systemen. Het gevolg is dat betreffende client ook niet voorkomt in het ECD, laat staan in het EVS. Waar een zorgleefplan vaak wel even kan wachten, geldt dat medicatie direct bij opname moet worden voorgeschreven. Een EVS traject legt deze achilleshiel dan ook vaak en pijnlijk bloot.

Koppelingen

“Hallo, met de Helpdesk van het ECD.”.
“Nou, de koppeling tussen het ECD en het EVS werkt niet.”.
“Wij hebben niets veranderd hoor, dat moet wel aan de leverancier van het EVS liggen…”.
Herkenbaar? Vast wel.
Leveranciers van dergelijke systemen in de zorg leven namelijk in veel gevallen nog decennia terug in de tijd, toen gegevens tussen systemen nog met een bestand werden uitgewisseld. Weet u het nog, een CSV file… Tsja, en dat wil nog wel eens mis lopen.
Recentelijk was ik trouwens positief verrast toen een ik een ECD en een EVS mocht koppelen die beiden HL7 spreken. Hoewel ze elkaar niet meteen konden “verstaan” was de koppeling toch vrij snel gerealiseerd. Een veelbelovend eerste schaap…?

Mensen

“Hallo, met de Helpdesk.”.
“Nou, ik wil mevrouw Janssen dus wat extra <medicijn x> geven, maar in het EVS kan ik dat er niet bijschrijven op de aftekenlijst…”.
Herkenbaar? Vast wel.
Zorgmensen maken namelijk per definitie “misbruik” van de mogelijkheden die een systeem, of in dit voorbeeld papier biedt, om ervoor te zorgen dat de cliënt krijgt wat ze nodig hebben. Dat is natuurlijk prachtig in beginsel, maar als het om medicatie gaat in potentie gevaarlijk, en bovendien niet toegestaan.
In dit geval biedt een systeem een leidraad voor medicatieveiligheid. Waarschijnlijk zal ook een EVS niet 100% bestand zijn tegen “misbruik”, maar het biedt wel een mogelijkheid de protocollen explicieter onderdeel van het proces te maken.

Dus…

“Hallo, is dit de helpdesk?” is een prachtige plek om te beginnen met drie belangrijke lessons learned bij het implementeren van een EVS:
  1.  Zorg dat processen op orde zijn. De wereld waarin het denkbaar is dat cliënt Jansen voor de deur staat, maar nog niet in de systemen bekend is ligt ver achter ons (en is desondanks nog dagelijkse praktijk).
  2. Zorg dat koppelingen werken. Geloof geen enkele leverancier op zijn blauwe ogen als hij zegt “Die koppeling hebben we op de plank liggen”. Dat is namelijk niet waar. Laat de leverancier, voordat je ook maar iets tekent of afspreekt, die koppeling van de plank halen en in jouw omgeving aanzetten.
    Noot: Als dat vlekkeloos werkt is het wellicht stiekem toch waar :-).
  3. Zorg dat mensen weten wat ze moeten doen. In een wereld met systemen is “maar zo deden we dat altijd” geen excuus meer, zeker niet als medicatieveiligheid in het geding is. Zorg dat de protocollen worden ondersteund door het systeem, en doe geen concessies. De mensen moeten in dit geval het systeem volgen.
Veel succes met uw EVS implementatie!

Fitness Sync…

FitnessSyncer

Ik ben, voor zover ik weet, gezond. Ik ben bijna nooit ziek en kom zeer sporadisch bij de dokter. Wel heb ik een bovenmatige interesse in zorg, niet in de laatste plaats omdat ik in de zorgsector werkzaam ben. Als rechtgeaarde nerd richt die interesse zich onder andere op digitale zorg en innovatie. Vanuit die interesse had ik ooit een digitaal dossier bij Google Health en inmiddels bij Microsoft HealthVault. Erg interessant en in mijn optiek veelbelovend.

De maar
U voelt hem al komen… de ‘maar’. Ik was deze week zo’n sporadische keer bij de dokter. Niets ernstigs, maar toch, ik dacht het ‘even’ vast te leggen in HealthVault, gewoon, in de vorm van een rapportage of notitie of zo. Nou, zo makkelijk is dat nog niet… sterker nog, ik heb tot op dit moment niet kunnen vinden hoe ik dat moet doen. Vreemd! Iets van een gezondheidsdagboek lijkt me toch basisfunctionaliteit van een persoonlijk gezondheidsdossier, of niet?

Handmatig
Omdat het nu even mijn aandacht had heb ik ook meteen gekeken of mijn Jawbone UP op de een of andere manier aan HealthVault te koppelen is. Je kunt in HealthVault namelijk lichaamsoefening vastleggen, zelfs uitgedrukt in aantal stappen. Helaas, ook op dat vlak biedt HealthVault (nog?) geen soelaas. Het enige wat ik kan doen is handmatig invoeren. Dat is toch niet echt meer van deze tijd.

Synchroniseren
Zou het nou niet mooi zijn als alle beschikbare gezondheidsgerelateerde informatie naar één centrale plek zou stromen? Dat kan… nou ja, in mijn geval gegevens van Jawbone UP, Runkeeper en Garmin Connect naar HealthVault. Hoe? Met FitnessSyncer!

Ik ben een beetje afgedwaald, want ik heb nog steeds geen oplossing voor een rapportage van mijn doktersbezoek, maar voor nu in ieder geval wel een adequate oplossing voor het bijeenbrengen van mijn fitness informatie…

Dit bericht verscheen eerder op DigitaleZorgGids.nl.

SchoolTV en Snacks

Tsja, wat een rare titel, zul je denken. Dat behoeft enige toelichting… Mijn kinderen kijken graag SchoolTV. Dat doen ze op school, maar ook thuis, via uitzendinggemist.nl. Mijn oudste is acht en kijkt naar “Nieuws uit de Natuur”. Erg leuk en interessant. Mijn jongste is vier en kijkt naar “Koekeloere”. Ik moet zeggen, ook best geinig.
 
Op school is het ‘s-ochtends snacktijd. Beide kinderen krijgen een “snackdoosje” mee met daarin een gezond koekje, iets liga- of digestive-achtigs. Af en toe krijgen ze een “lekker” koekje (speculaasje ofzo).
 

Vorige week keek ik samen mijn kinderen naar “Koekeloere”. De titel van de aflevering was “Patatje gezond” en ging over gezond eten. Het verhaal was ongeveer als volgt: Moffel eet elke dag patat en frikandellen van de snackbar en kan niet poepen. Piertje eet worteltjes met rijst en zegt dat 
 Moffel wel erg dik wordt van al die friet. Piertje belt de dokter omdat Moffel zich zo slecht voelt. Dokter legt uit dat Moffel gezond moet eten en veel moet drinken. Moffel doet dat en kan weer poepen.
De volgende ochtend vraagt mijn jongste: “Papa, mag ik vandaag worteltjes voor snack?” Oudste roept: “Ja, ik ook!”. Dus, wil je je kinderen met een gezonde snack naar school krijgen? SchoolTV kijken 🙂
 
 
Dit bericht verscheen eerder op de blog van Weten & Eten.

Jawbone IMPLANT?

Vorig jaar was Jip (onze kat) kwijt. Na schrik, frustratie en verdriet hadden we de hoop al opgegeven. Op een goede dag ging de telefoon en hoorde ik: “Hallo mijnheer, we hebben Jip gevonden. Hij is wat afgevallen, maar hij maakt het goed.” Wow! Maar goed, dit was eigenlijk heel logisch. Jip heeft een chip. Die heeft de vinder laten uitlezen en plop: hij wist van wie Jip is en waar hij woont. Als je erover nadenkt, is het eerder verbazend dat we Jip kwijt waren. Met zo’n chip zou je Jip eigenlijk moeten kunnen volgen, weten hoe vaak en ver hij loopt, wat zijn hartslag is en zijn temperatuur… en misschien nog wel meer, toch?

Jawbone UP

Zelf heb ik sinds enige tijd een Jawbone UP. Feitelijk is dat een stappenteller/slaapsensor die je om je pols draagt. En zeg nu zelf, het ziet er toch best leuk uit? Bij de Jawbone UP krijg je een app waarop je, naast je stappen en slaap, je stemming en je voedsel kunt registreren. Ook kun je gegevens van je Jawbone UP combineren met gegevens uit andere apps. Ik heb RunKeeper en myGarmin gekoppeld.

Primair ben ik natuurlijk gewoon een gadgeteer en vind ik dit soort ontwikkelingen razend interessant. Maar ik heb ook een 

semiprofessioneel argument om een Jawbone UP te dragen. Ik wil namelijk weten hoe toegankelijk zo’n ding is. Het zou namelijk zomaar kunnen dat een cliënt van een zorgverlener (zoals mijn werkgever) in zijn zorgproces baat heeft bij de informatie die eruit komt. 

Mijn conclusie is dat vooral de automatisch geregistreerde gegevens werkbaar zijn. Een stemming invoeren is nog redelijk te doen. Het opzoeken en registreren van voeding is nagenoeg onmogelijk consequent te doen. Bij mij rijst daarom de vraag wat we allemaal nog meer automatisch kunnen meten via een sieraad.

Kinderschoenen
De ontwikkelingen gaan razend snel en staan in mijn optiek nog enorm in de kinderschoenen. Vooral sporters zijn hier al langer mee bezig. Zelf gebruik ik mijn smartphone al jaren als sporttracker. Voor fietsen Ik heb een Garmin Edge 500 met HR en Cadans en voor hardlopen een Nike Triax C3 hartslaghorloge. Kortom, aan apparaten geen gebrek, maar die beperken zich wel tot de momenten dat ik toch al actief ben. De Jawbone UP meet je werkelijke beweegpatroon.

Even terugkomend op Jip: die chip is zo gek nog niet. Heb je helemaal geen last van en als hij inderdaad je gezondheid in de gaten kan houden… Is de volgende stap een Jawbone IMPLANT? Nee, dat gaat wat ver lijkt me… Maar toch, naast de meetwaarden die mijn Jawbone UP mij levert en het sieraad dat het is, maakt hij mij bewust van mijn beweeg- en slaappatroon. Is dat voor velen van ons niet al winst? En dat wordt alleen nog maar mooier en beter…!

 

 

Deze blog verscheen eerder op DigitaleZorgGids.nl.

Seniorenphone? Phablet…!

Seniorenphone? Phablet…!

Ik weet nog goed dat ik met een toestel als op het plaatje, een “telefoon voor senioren”, de winkel uitliep. Dat is inmiddels heel wat jaartjes geleden en het was niet voor mijzelf. Het was voor mijn oma. Ze kon niet meer zo goed zien en had moeite met het vinden van de toetsen op haar gewone telefoon. Deze technologie (dit toestel dus) hielp haar in contact te blijven, met mijn moeder bijvoorbeeld. Senioren nu hebben echter ook moeite met het scherm van de smartphone. Tijd voor de phablet!

Leesbril voor je smartphone? 

Ik heb me laten vertellen dat ik binnen nu en een jaar of tien op een leesbril moet rekenen, maar voor dit moment zijn mijn ogen nog prima. Ik houd enorm van gadgets, maar een Galaxy Note vind ik vrij fors. Ik snap daarom ook best dat mensen het raar vinden om met een 7 inch phablet (smartphone in klein tabletformaat) aan hun oor te lopen. Toch zie ik om mij heen meer en meer mensen hun telefoon dichter en dichter bij hun gezicht houden, de leesbril erbij pakken, inzoomen, kortom, worstelen met het kleine schermpje van de smartphone. En zo raar is dat niet, vind ik. Als ik bij mijn oma op bezoek ga, neem ik mijn iPad mee, om foto’s te laten zien. Dat kijkt toch een stuk fijner dan op mijn smartphone, maar nog belangrijker, mijn oma kan dat gewoon zien.

Phablet 

Ook voor mijn moeder geldt al dat een groter scherm voordelen heeft. Zij roept al sinds haar eerste digitale camera dat het ’rotschermpje’ van die camera veel te klein is. Sterker nog, inmiddels heeft ze haar camera op schermgrootte uitgekozen. Foto’s kijken doet ze inmiddels ook gewoon op de iPad. Het zou mij niets verbazen als ze ook het nemen van foto’s binnenkort op de iPad doet. Als ik in dat licht aan mijn Oma denk… en aan ‘Zorg Dichtbij’… en aan een dossier in Facebook… en aan alle andere mogelijkheden van een smartphone waarvoor het schermpje, zeker voor mensen met verminderd gezichtsvermogen, aan de kleine kant is…. Misschien is zo’n phablet dan lang zo gek nog niet, al is het maar als seniorenphone ;-)?

Dit bericht verscheen eerder op DigitaleZorgGids.nl.

I Had a Dream…

Tja, zonder pretentieus te willen overkomen, ik had laatst een droom. Toen ik wakker werd had ik echt de beleving alsof ik de toekomst had gezien, sterker nog, alsof ik in de toekomst was geweest! Niet de verre toekomst, dat niet. De droom ging over de nabije toekomst waarin vandaag beschikbare technologie ten volle wordt benut ten behoeve van zorgverlening.

Droom

Het ging ongeveer zo. Ik loop over straat met Google Glass op. Al lopend, om me heen kijkend, aan dingen denkend, voedt Google Glass me met informatie over mijn omgeving. Ik denk aan een lekkere Cappuccino, Google Glass brengt me bij de dichtstbijzijnde koffiebar. Google Glass herkent de medewerker die mijn koffie maakt, toont me zijn Facebook-profiel en vertelt me bovendien dat hij vandaag jarig is. Ik neem mijn koffie in ontvangst en wens hem een fijne verjaardag.

Google Glass redt patiënt

Oh, wacht eens even, daar valt iemand neer, zomaar op straat! Wat een schrik! Ik ren naar buiten. Ik kijk naar de man. Hij ademt nog… Google Glass toont me de dichtstbijzijnde AED, huisarts, ziekenhuis etc. Google Glass diagnosticeert dat deze man een CVA heeft, stuurt voor de zekerheid het geregistreerde beeldmateriaal ter bevestiging naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis met SEH, detecteert dat twee straten verder een tas met daarin een ongebruikte tPA injectie “loopt”, notificeert de eigenaar van deze tas, een arts, en hij is meteen naar de patiënt onderweg. De patiënt is gered, zonder permanente schade. Google Glass saves the day!

Willen we dit?

Goede vraag…ik denk dat de patiënt uit het voorbeeld blij is met deze technologie. Zijn leven is gered! De arts wellicht minder. Hij liep gewoon lekker te shoppen in de stad. Maar… tegelijkertijd heeft hij, ondersteund door technologie, een leven gered. Mooi toch? Die persoon in de koffiebar? Als ik vandaag mijn smartphone uit mijn zak haal kan ik die informatie ook vinden, dus die heeft niets te klagen ;-). En ik? Ik draai me nog eens om en ga op weg naar mijn volgende droom…

Dit bericht verscheen eerder op DigitaleZorgGids.nl.

Afstand of Nabijheid?

Mijn vader was laatst jarig. Ik heb hem een iPad gegeven. Mooi cadeau, ja, dat zeker! Mijn vader is gepensioneerd. Hij heeft altijd in de automatisering gewerkt. Hij houdt nog steeds graag de nieuwste ontwikkelingen bij. Hij heeft een recente PC, een recente laptop, een recente smartphone, en nu dus ook een recente iPad. Zo kan hij (maar ook mijn moeder) bij de bridgeclub foto’s van zijn kleinkinderen laten zien, net als al die andere gepensioneerde bridgers.

Gewoon op de bank

Vorige week hebben mijn kinderen bij Opa en Oma gelogeerd. Afgelopen weekend zei mijn zoontje tegen me: “Papa, ik mis Opa en Oma zo..”. “Zullen we ze even bellen op de iPad dan?”, zei ik. Zo gezegd zo gedaan en daar waren Opa en Oma, gewoon bij ons aan de eettafel. En wij, gewoon bij Opa en Oma op de bank.
Mijn vader heeft straks zorg nodig. Hij is de jongste niet meer en bovendien ziek. Ongetwijfeld heeft hij op enig moment zorgprofessionals nodig, de ‘handen aan het bed’. Wat hij nog veel meer nodig heeft zijn mijn zoontje, mijn dochtertje, mij, ofwel zijn dierbaren om zich heen. Met zijn iPad kan hij die nu in huis halen, op elk gewenst moment en op elke gewenste plek, gewoon op de bank of in bed.

Zorg dichtbij

Ik werk bij een zorginstelling. Daar noemen wij dit ‘Zorg op Afstand. Denkend aan mijn vader en zijn iPad realiseer ik me dat die term nergens op slaat. Dit is “’Zorg Dichtbij’. Zo ga ik het vanaf vandaag noemen, want dichterbij dan die iPad van mijn vader komt geen enkele zorgprofessional!

Dit bericht verscheen eerder op DigitaleZorgGids.nl.

Zorgdossier? Facebook!

Marieke heeft een berichtje op Facebook van mevrouw Jansen. Ze is zelfstandig wijkverpleegkundige en mevrouw Jansen is een van haar klanten. Hoewel ze jarenlang met plezier heeft gewerkt voor een grote thuiszorgorganisatie geniet ze nu ook, en misschien nog wel intenser, van haar werk. De thuiszorgorganisatie was niet veel meer dan een administratiekantoor. Met de komst van Sociale Media heeft die haar bestaansrecht verloren. De financiering van de zorg regelt de klant nu zelf, soms met een klein beetje hulp van Marieke.

Eigen Regie

Marieke heeft afspraken gemaakt met twee oud-collega’s die bij haar in de straat wonen. Met z’n drieën bestieren ze de omliggende straten. Elkaar en hun klanten ontmoeten ze op Facebook. Daar leggen ze samen met de klant de afspraken vast en rapporteren ze over de zorg. Het netwerk van de klanten zit ook op Facebook en kan precies volgen hoe het met hun dierbare gaat. Marieke heeft voor het doen van haar werk niet meer nodig dan haar smartphone. “Eigenlijk”, denkt Marieke weleens bij zichzelf, “snap ik niet zo goed dat we niet eerder op Facebook zijn gekomen…”. 

Participatie

De klant vindt het fijn, want het netwerk is een stuk groter geworden. Niet alleen kinderen, maar ook vrienden, neven, nichten, kleinkinderen etc. ontmoeten ze nu vrijwel dagelijks online! En met dat veel grotere netwerk is er eigenlijk altijd wel iemand die kan helpen als het nodig is. Marieke hoeft zich alleen te bekommeren om de echte zorginhoudelijke activiteiten.

Privacy

Vroeger maakten veel mensen zich zorgen over de privacy op Facebook, maar die tijd is al lang voorbij. Facebook is soms nog doelwit voor hackers, maar er is nooit echt informatie ‘op straat’ komen te liggen. De klant heeft nu zelf de regie over de toegang tot zijn of haar informatie. Marieke kan lezen en schrijven in het deel van het dossier dat de klant voor haar heeft opengesteld. Niet iedereen is even open, maar Marieke stemt met de klant af wat ze wel en niet nodig heeft om haar werk te doen. 
Marieke stopt haar iPhone in haar zak en gaat op weg naar mevrouw Jansen.
Dit bericht verscheen eerder op DigitaleZorgGids.

Sociale Rolstoel


“Het is kwart voor acht. Bij mevrouw Jansen gaat de wekker. Nou ja, de wekker, de smartphone. Mevrouw Jansen heeft goed geslapen. De smartphone heeft het slaappatroon van die nacht op haar Facebook profiel gezet. Vanuit haar bed kruipt ze in haar rolstoel. Ze is inmiddels 86 en is er trots op dat ze dat nog zelf kan. Haar rolstoel zet haar gewicht, hartslag, en bloedsuikerwaarden voor haar op haar Facebook profiel, zodat haar familie weet hoe het met haar gaat. En ze stuurt een berichtje naar Marieke. Marieke is de wijkverpleegkundige die haar helpt met haar ochtendritueel. Meestal is ze er binnen een kwartiertje nadat mevrouw uit bed is. Die tijd gebruikt mevrouw Jansen om op haar tablet het nieuws te lezen.” Science fiction? Nee, dit is technisch mogelijk, vandaag al! Hoe lang duurt het nog voordat het wordt toegepast? De tijd zal het leren… 

Sociale media zijn overal

Wie zit er tegenwoordig niet op Facebook, Twitter of LinkedIn? En zelfs al zit je daar niet op, we hebben allemaal weleens een filmpje op Youtube bekeken, toch? Maar wat doen we dan eigenlijk allemaal op die sociale media? Dat is heel divers en loopt uiteen van het minuut tot minuut tweeten waar je bent, wat je doet, hoe je je voelt etc, tot het onderhouden van serieuze zakelijke netwerken op LinkedIn. Maar ook levensverhalen compleet met foto- en videomateriaal worden gedeeld. Daar komt ook de meest gehoorde klacht of kritiek vandaan: “Ik hoef toch helemaal niet te weten dat iemand op de wc zit…?” of “Al die kinderfoto’s interesseren me niet.” Uiteraard moet iedereen dat voor zich bepalen, maar zoals met alles: over smaak valt niet te twisten, en met 200 miljoen mensen op LinkedIn, 500 miljoen op Twitter en 1 miljard op Facebook kan het bijna niet anders dan dat er tussen al die oninteressante informatie voor iedereen ook evenzoveel interessante informatie zit, en daar zit hem de toegevoegde waarde van die sociale media!

En mevrouw Jansen?

Nou, ruim de helft van de Facebook gebruikers is 18-34 jaar oud. Dat zijn de kinderen en kleinkinderen van mevrouw Jansen. En wat doen die kinderen en kleinkinderen? Juist, foto’s en verhalen op Facebook zetten. En wie is er het meest geïnteresseerd in die foto’s? Juist, mevrouw Jansen. Dat is haar manier om op de hoogte te blijven terwijl ze door haar gezondheid aan huis gekluisterd is. En die gegevens uit haar zelfmetende en communicerende sociale rolstoel zijn natuurlijk niet alleen interessant voor Marieke, maar misschien ook wel voor de kinderen, nietwaar?
 
 
Dit bericht verscheen eerder op DigitaleZorgGids.

Personal Notes on TEDxNijmegen 2013

Wow! What a day… Last year I was able to follow TEDxMaastricht through livestream. This year I was lucky enough to receive an invite. All I can say is that I feel priviliged to have been at TEDxNijmegen. It was truly inspiring and deeply touching. Last year the concept of “Patients Included” was announced, and boy, was this TEDxNijmegen true to that concept! And on top of all that I got to meet a lot of people, including some of the speakers.

Here are some of my personal highlights with my personal notes. Let me know what you think…

Listening, that’s what a lot of the talks at TEDxNijmegen were all about. It was about listening to the patient, and particularly why that is essential to care. Lowie van Gorp told us through his first hand experience that putting the patient first can only be achieved when you listen and pay attention to the (seemingly) small things by realizing that those things are meaningful to the patient. He pointed out to us that “the caregiver has the ability to give the patient the feeling that they are in control, simply by giving them a choice”. His story was extremely touching and incredibly inspiring at the same time.
But, how do you do that… listening? Well, if you must know, just listen to Wendy Sue Swanson who told us about the different ways in which she tries to listen to and engage with her patients. One-to-one care will never be replaced, but all the possibilities for one-to-many communication that modern technology provides us with are invaluable resources! Wendy Sue urges us to be where the patient is: online!
So, even if you listen, will you be sure to hear or understand? No way! Tom Heerschop told us through a very personal story that even if you try to listen, try to look, or try to dig into the details, you may miss the underlying message. In his case the underlying message was a large tumor in his brain. So large, in fact, that it is hard to imagine how it could have been missed. Well, there you have it, even if you try to listen you might just miss what’s important.
And even if you listen and hear, does that guarantee that you will act upon it? In order to do that you need guts and Jeroen Verwiel showed us some serious guts! He also told us why by introducing Joe, telling us about what happened to Joe, Joe’s family and to Jeroen himself in the process of caring for Joe. If that did not take enough guts yet, he told us about the decisions he had to make in caring for Joe and his family. And best of all? Jeroen is nog afraid, and rightfully so if you ask me…

There were also quite some talks about breaking patterns, about ways and examples to fundamentally change things, and what keeps us from doing that. One thing that keeps us from doing things is the “gravitational pull” of the current state. Familiar expressions like “we’ve already tried that, it didn’t work”, “the last guy who tried that got fired” or “that’s to complicated, it will never work” were used by Michiel Muller to explain what keeps us running in circles. He also shows us how wonderful it is to discover and how taking risks can get us to our “personal pot of gold”. Finally he introduces us to Jeroen. Well, I guess you’ll just have to see for yourself.
Jan Bommerez took us into the world of co-intelligence explaining the true meaning “win-win”. Through metafors like a termite mound, a brilliant structure built by brainless creatures, he shows us the power of co-intelligence. He explains how we live in an “ego-system”, and how we can create an “eco-system”. From there on he gets onto the topic of culture saying “you cannot see it, but it influences everything”. He explains how in an open culture there is flow. He explains how synergy in a team means embracing the differences and holding on to the tension long enough to make a quantum leap. He states that we need dialogue, and we only have dialogue when we speak about things that touch our heart. His conclusion: “Nobody is in a position where you can’t make a difference. We can all make a difference.”. Powerfull stuff!

Quite a few sessions were about innovations and medical breakthrough. Probably the most notable one was by the very young Jack Andraka telling us about why and how he discovered a way to detect cancer in a very early stage way faster, cheaper, and more accurately than the most advanced existing tests can. Having no medical background or experience at all he urges us to find different ways to innovate and improve healthcare. He states that we need to shift from evolution to revolution if we want to keep up, and rightfully so from a guy who really is only a kid putting such a discovery to his name! Shoot for the moon, that’s definitely what Jack intends to do!
Amy Robinson talked about using massive online collaboration to learn more about the body. We were introduced to NAO the robot. We saw how insights from Formula 1 racing can contribute to improvements in healthcare. There was an introduction to the power of curating social media for medical information.

And of course there was entertainment. My highlight? Andre Heuvelman!

It is too much to go into each one of the talks here, so I urge you to go to TEDxNijmegen.nl and see for yourself!